Het weerstandsvermogen maakt het mogelijk incidentele financiële tegenvallers op te vangen zonder direct ingrepen in de begroting te hoeven doen. Bij structurele financiële tegenvallers moet het weerstandsvermogen het mogelijk maken om de eerste klap op te vangen. Zo krijgen we de tijd om een zorgvuldige afweging te maken over hoe we de financiële gevolgen een plek kunnen geven. Het weerstandsvermogen moet ons dus beschermen tegen het doen van ongewenste ingrepen in ons beleid.
Het gewenste niveau van het weerstandsvermogen is een vrije weerstandscapaciteit die gelijk is aan het risicoprofiel. Dus de gewenste verhouding tussen beschikbare vrije weerstandscapaciteit en risicoprofiel = 1. Bij deze verhouding betrekken we het element "tijd". Voor de weerstandscapaciteit hanteren we een absolute ondergrens van 25 miljoen euro. Dit komt ongeveer overeen met € 150 per inwoner. Wanneer onze weerstandscapaciteit onder dit niveau komt, krijgt herstel hiervan absolute prioriteit.
Wanneer de vrije weerstandscapaciteit boven het risicoprofiel uitkomt, zowel op korte als op lange termijn, kan uw raad beslissen om deze middelen in te zetten. In Nijmegen beschouwen we de saldireserve als het weerstandsvermogen.
In de onderstaande grafiek ziet u de ontwikkeling van de saldireserve ten opzichte van het risicoprofiel. In deze grafiek is rekening gehouden met het resultaat uit de 1e Voortgangsmonitor 2026 en de mutaties als gevolg van de aanpassingen die in deze begroting worden voorgesteld.

Bij de start van deze nieuwe bestuursperiode is gekozen om de saldireserve in te zetten voor het realiseren van ambities en doelen in de programmabegroting. Daardoor daalt de saldireserve in de periode 2027 tot en met 2030. In de jaren daarna neemt de saldireserve toe. In alle jaren is de ratio 1,0 of hoger.
